Aleutian Disease Virus (ADV) bij fretten

Aleutian disease is een ziekte die wordt veroorzaakt door het ‘aleutian disease virus’ (ADV) wat behoort tot de Parvovirussen. Het virus werd voor het eerst gezien bij nertsen (van het type ‘aleutian’). Inmiddels zijn er meerdere verschillende stammen van het virus bekend. Diverse die nertsen kunnen infecteren en verschillende stammen die fretten kunnen infecteren. Het virus zorgt vooral bij jonge dieren voor ziekte en is niet erg besmettelijk. Ook dit virus komt in Nederland zeer weinig voor.

Hoe komt mijn fret aan het Aleutian Disease Virus?

In 2005 zijn er enkele fretten vanuit Nieuw Zeeland geïmporteerd in Nederland. Deze dieren bleken ADV bij zich te dragen. Hierdoor stierven vele van die dieren op jonge leeftijd. Het virus kon zich gemakkelijk verspreiden doordat de dieren pas na maanden (en soms jaren) ziek werden. Momenteel doen er zich nog enkele geïsoleerde gevallen van ADV voor in Nederland.

Besmetting met ADV vindt plaats via direct en indirect contact met bijvoorbeeld bloed, speeksel, urine en/of ontlasting. Onderzoek heeft aangetoond dat alleen na intensief contact met besmette dieren het ADV overgedragen kan worden.

Na een besmetting zorgt ADV voor een enorme toename in antilichamen in het bloed. Antilichamen zijn onderdeel van een gezonde afweer. Normaal gesproken zorgen deze antilichamen ervoor dat infecties onschadelijk worden gemaakt. Om onbekende redenen gebeurt dit niet na een infectie met ADV. In fretten klontert het virus samen met de antilichamen. Deze klompen ‘immuuncomplexen’ slaan neer in verschillende organen en vaak daar waar zich veel haarvaten bevinden. Haarvaten zijn uiteinden van bloedvaten en zijn heel nauw. Dit is bijvoorbeeld in de nieren, lever, galwegen, ruggenmerg, maagdarmkanaal en de blaas. Hierdoor ontstaan er ontstekingen in deze organen.

Hoe kan ik ADV bij mijn fret herkennen?

Het kan enkele maanden tot wel een paar jaar duren voordat je fret ziek wordt. De ziekteverschijnselen zijn vrij aspecifiek en kunnen bestaan uit; lusteloosheid, anorexie (niet willen eten), steeds terugkerende koorts, vermageren en een slechte vachtconditie. Afhankelijk van in welke organen de immuuncomplexen vastgelopen zijn, zullen er verschillende verschijnselen optreden.

Een tweede grote groep van verschijnselen zijn de neurologische problemen. Hierbij zal je fret zwakte of verlamming krijgen van de achterhand die zich steeds verder uitbreidt naar voren toe. Soms treedt er herstel op van de neurologische verschijnselen.

Ook zorgt het ADV ervoor dat het immuunsysteem van je fret verzwakt, waardoor het lastiger is voor hem/haar om infecties te bestrijden. Bij een milde ontsteking kan je fret geen ziekteverschijnselen vertonen en gezond lijken.

Hoe wordt de diagnose ADV bij fretten gesteld?

Het is onmogelijk om op basis van de verschijnselen een diagnose te stellen. De verschijnselen zijn heel erg afhankelijk van welk orgaan is aangetast en kunnen vaak ook heel goed passen bij andere ziektes. Een definitieve diagnose is bij het leven niet te stellen. Alleen tijdens sectie kan een diagnose gesteld worden. Er bestaat een test op het bloed die wereldwijd gebruikt wordt om te screenen op ADV (de CIEP of CEP test). Tijdens onderzoeken in 2005 en later bleek dat dieren die een positieve uitslag hadden met deze test, bijna allemaal uiteindelijk ziek werd. Niet ieder laboratorium kan deze test uitvoeren, dus overleg goed met je dierenarts.

Wat is de behandeling van Aleutian Disease bij fretten?

Er bestaat geen effectieve therapie om ADV te behandelen. Fretten die ziek zijn kunnen alleen maar ondersteund worden met speciale voeding en ontstekingsremmers. Vaak wordt er antibiotica gegeven om eventuele bijkomende infecties te bestrijden. De omgeving dient ontsmet te worden met een erg agressief desinfecterend middel wat niet zo geschikt is om in woningen te gebruiken (10% natronloog of ‘parvocide desinfectantia’). Hierdoor is het lastig om de omgeving te ontsmetten.

Kan ik ADV bij mijn fret voorkomen?

Er is geen vaccin beschikbaar tegen ADV. Geadviseerd wordt om geen fretten aan te schaffen vanaf een farm. Deze dieren blijken vaker dan gemiddeld ADV bij zich te dragen. Fretten die positief getest zijn met een bloedonderzoek dienen apart gehouden te worden van de andere fretten die niet in het huishouden leven. Zoals bijvoorbeeld fretten van een pension of in een opvang. Het blijkt niet zinvol om dieren binnen een huishouden van elkaar te scheiden. De fretten binnen één huishouden hebben immers al langer intensief contact met elkaar.