Antibioticaresistentie

Antibiotica worden gebruikt om ziektes te bestrijden. Antibiotica werken alleen als de ziektes worden veroorzaakt door bacteriën. Bacteriën bevinden zich in de omgeving en kunnen gemakkelijk overgedragen worden. Bijna alle bacteriën kunnen van jouw huisdier overgaan op jouzelf. Het niet (of niet goed) wassen van de handen is een grote oorzaak van het overdragen van bacteriën. Ook bacteriën die in een ei, op kippenvlees of op de huid van een koe zitten, kunnen op jou overgedragen worden.

Ziektes die worden veroorzaakt door het lichaam zelf, door wormen, schimmels of door virussen, zullen niet reageren op antibiotica. Tegenwoordig hoor je veel over antibioticaresistentie en dat er “zuinig” om moet worden gegaan met de beschikbare antibiotica. In dit stuk zal er uitleg gegeven worden over hoe het precies in elkaar steekt.

Hoe werken antibiotica?

Er bestaan meerdere soorten bacteriën. Het gaat een beetje te ver om die hier allemaal te behandelen. Doordat er meerdere soorten bacteriën bestaan, zijn er ook meerdere soorten antibiotica nodig. In het algemeen is het zo dat een bepaald antibioticum vaak tegen meerdere soorten bacteriën werkt. Ook is het zo dat een bacterie door meerdere verschillende antibiotica gedood kan worden.

Als je huisdier ziek is en er is door je dierenarts bepaald dat antibiotica nodig zijn, dan krijgt je huisdier die voorgeschreven. De antibiotica die je vervolgens aan je huisdier geeft (via de bek/mond of bijvoorbeeld in een zalf) doden de bacteriën die de ziekte veroorzaken. Bij een wond is dit bijvoorbeeld de vieze ontsteking die wordt veroorzaakt door bacteriën. Ook bij een longontsteking worden er vaak antibiotica gegeven. Voor (bijna) alle dieren bestaan er richtlijnen. In deze richtlijnen is aangegeven welk soort antibioticum het beste werkt bij een bepaalde ziekte of bij bepaalde bacteriën.

Hoe ontstaat de resistentie?

Antibiotica worden gegeven in een bepaalde dosering en voor een bepaald aantal dagen (een kuur). Een voorbeeld kan zijn; 2x per dag een half tabletje, gedurende 7 dagen. Het is noodzakelijk dat antibiotica vaak meerdere dagen gegeven worden. Dit komt omdat de antibiotica in het bloed een bepaalde spiegel moeten krijgen voordat ze pas echt effectief worden. Ook in een wond moet je langer antibiotica geven. Het doel is om alle ziekteverwekkende bacteriën dood te maken. Niet iedere bacterie reageert even snel op de antibiotica. Als je nu antibiotica geeft, dan maak je een paar bacteriën dood. Als je dan morgen nog een keer geeft, maak je weer een paar bacteriën dood. En zo gaat het verder. Als je te vroeg stopt met de antibiotica, zijn nog niet alle bacteriën dood. De sterkste bacteriën en de bacteriën die het langst weerstand kunnen bieden aan de antibiotica, leven dan nog. Deze bacteriën krijgen vervolgens de kans om zich te vermenigvuldigen, waardoor de ziekte weer terugkomt. Deze nieuwe bacteriën zijn nóg moeilijker dood te maken dan de vorige bacteriën, omdat alleen de sterkste het hebben overleefd. Als dit maar vaak genoeg doorgaat, dan worden de bacteriën resistent. Ze reageren dan helemaal niet meer op het antibioticum. Er moet dan een sterker antibioticum ingezet worden.

Waarom dan zo voorzichtig met de antibiotica?

Deze resistente bacteriën kunnen ook bij jou een ziekte veroorzaken. Als jouw huisdier een wondje heeft en jij werkt niet hygiënisch genoeg, kunnen die bacteriën overgedragen worden op jou. Bijvoorbeeld als je je handen niet goed wast na het insmeren van de wond of als je geen handschoenen aandoet.

Veel van de antibiotica die gebruikt worden bij dieren, worden ook gebruikt bij mensen. Er worden weinig nieuwe antibiotica gevonden. Het is dus heel belangrijk dat we bepaalde medicijnen beschikbaar laten voor mensen. Bacteriële infecties bij mensen kunnen fataal aflopen. Als er niet zorgvuldig genoeg omgegaan wordt met antibiotica, dan zijn er straks alleen nog maar hele sterke en resistente bacteriën. Er bestaan dan geen antibiotica meer die de bacteriën kunnen doden. Je zal dan de rest van je leven met die infectie moeten leven.

Wat kan ik doen tegen antibioticaresistentie?

Het is heel belangrijk om zorgvuldig om te gaan met antibiotica. Volg altijd de aanwijzingen van je dierenarts op. Ga niet zelf dokteren, dus ga niet minder of meer antibiotica geven! Ook hygiënisch omgaan met wonden bij je huisdier is heel belangrijk om te voorkomen dat bacteriën overgedragen worden. Niet bij iedere infectie is het nodig om antibiotica te gebruiken, luister dus altijd naar het advies van je dierenarts. Hij/zij heeft immers een richtlijn!

In sommige gevallen is het noodzakelijk dat je dierenarts een gevoeligheidsbepaling doet. Hij/zij neemt dan wat bacteriën van je huisdier en laat in een laboratorium bepalen welk antibioticum hij/zij het beste kan geven. Dit voorkomt dat de verkeerde antibiotica gebruikt worden, of dat er te weinig (of te veel) antibiotica gebruikt worden. Het is altijd verstandig dit te laten doen!